Waar haalde ik dit ineens vandaan?

Waar haalde ik dit ineens vandaan?

Vanmorgen zwom ik zeventig banen borstcrawl. Aaneengesloten.

Tot eind vorige week zwom ik steeds één baan borstcrawl heen en één baan schoolslag terug. Gewoon omdat dat prima ging. Een paar dagen geleden las ik dat je, om mee te kunnen doen aan een borstcrawlcursus, minimaal vier banen achter elkaar borstcrawl moest kunnen zwemmen.

Vier. Dat leek mij een hele uitdaging. Dus ik besloot het gewoon eens te proberen. Niet met het idee dat het moest lukken. Gewoon om te kijken waar ik stond. Tot mijn verbazing werden het zeven banen. En daarna nog een keer zeven. En nog een keer. Ik was eigenlijk ontzettend tevreden.

Vanmorgen dook ik weer het zwembad in. Normaal begin ik rustig. Eerst 10 banen schoolslag. Maar vandaag niet. Ik begon meteen met borstcrawl. En ik bleef zwemmen. Op een gegeven moment voelde ik dat alles vanzelf leek te gaan. Mijn ademhaling werd rustig. Mijn ritme klopte. Ik hoefde nergens meer over na te denken.

Ik zwom.

En ik zwom.

En ik zwom.

Na vijftig banen dacht ik: misschien kan ik er wel zestig van maken. Bij zestig dacht ik: waarom eigenlijk niet zeventig? En toen was er ineens de klok. Ik moest eruit. Niet omdat ik moe was. Maar omdat ik een afspraak had. Terwijl ik uit het water stapte bleef één vraag door mijn hoofd gaan:

Waar haalde ik dit ineens vandaan?

Onderweg naar huis dacht ik dat ik het antwoord misschien wel wist.  Ik had helemaal geen groot doel. Ik had mezelf niet opgelegd dat ik zeventig banen moest zwemmen. Sterker nog, ik had mezelf eigenlijk niets opgelegd. Ik was alleen bezig met zwemmen. Met mijn ademhaling. Met mijn techniek. Met voelen wat mijn lichaam deed. De ene keer ademde ik na vier slagen, de andere keer na zes. Soms voelde het beter dan andere keren. Dat was allemaal prima. Ik gaf mezelf nergens commentaar op. Geen oordeel. Geen frustratie. Ik was gewoon aan het zwemmen.

En misschien is dat precies waarom het lukte.

Hoe vaak doe ik dat eigenlijk? Gewoon ergens mee bezig zijn. Zonder vooraf een enorm doel te stellen. Zonder voortdurend te controleren of ik al ver genoeg ben. Zonder mijzelf op de kop te geven als iets niet direct lukt.

Gewoon doen.

Voelen.

Bijstellen.

En doorgaan.

Misschien zit daar wel veel meer groei in dan in alle ambitieuze doelen die ik mijzelf zo graag opleg. Want waar haalde ik die zeventig banen vandaan?

Nergens vandaan! Ze zaten al in mij. Ik moest mezelf alleen de rust geven om ze te laten verschijnen.

Een fijne vakantie gewenst! Met veel rust, weinig doelen, veel ruimte en creativiteit en heel veel voelen!